Waar verpakking vroeger vaak vooral werd bekeken vanuit ontwerp, logistiek of marketing, komt er nu een veel zwaardere focus op traceerbaarheid, conformiteit en technische documentatie. Bedrijven moeten kunnen aantonen dat hun verpakkingen voldoen aan de nieuwe wettelijke vereisten.
Concreet gaat het onder meer over het voorzien van een type-, batch- of serienummer op verpakkingseenheden, het vermelden van de juiste fabrikantgegevens op verschillende verpakkingsniveaus en het opmaken van een EU-conformiteitsverklaring en technisch dossier. Ook vereisten rond stoffen zoals zware metalen en PFAS worden belangrijker.
Vooral voor leveranciers van huismerkproducten is de impact bijzonder groot. In veel gevallen worden zij beschouwd als de partij met de meeste kennis van het ontwerp- en productieproces van de verpakking, en dus ook als degene die verantwoordelijk is voor de conformiteitsbeoordeling ervan. De bewijslast verschuift daardoor duidelijk richting producent of leverancier.
Bovendien volstaat het niet om “ongeveer in orde” te zijn. Technische documentatie en conformiteitsverklaringen moeten beschikbaar zijn, snel kunnen worden voorgelegd en gedurende lange tijd bewaard blijven. Een ontbrekend of onvolledig dossier kan leiden tot vertragingen, verkoopstops of vragen van de markttoezichtautoriteit.
Tegen 2030 worden daar nog bijkomende vereisten rond onder meer recycleerbaarheid en het gebruik van gerecycleerde materialen aan toegevoegd. PPWR is dus geen eenmalige administratieve oefening, maar een structurele verandering in verpakkingsbeheer. Voor veel bedrijven is dit dus hét moment om hun verpakkingsdata, leveranciersinformatie, technische dossiers en interne verantwoordelijkheden grondig onder de loep te nemen.
